City Medical Centre · multidisciplinaire chirurgische kliniekDagelijks 10:00–18:00

De geschiedenis van haartransplantatie: van vroege experimenten tot moderne FUE

Een haartransplantatie voelt als een moderne ingreep, maar de wortels ervan gaan bijna twee eeuwen terug. Dit artikel volgt de belangrijkste stappen in de ontwikkeling, van vroege experimenten en het werk van Japanse chirurgen tot het principe van donordominantie, de ontdekking van folliculaire eenheden en de technieken van nu, en legt uit wat elke stap voor patiënten veranderde.

Redactie van City Medical CentreBijgewerkt 6 min. leestijd

Waarom de geschiedenis van haartransplantatie ertoe doet

Haartransplantatie heeft een langere geschiedenis dan de meeste mensen denken. De moderne ingreep, waarbij afzonderlijke folliculaire eenheden van het achterhoofd naar dunnere zones worden verplaatst, is het resultaat van ruim een eeuw experimenten, vergissingen en geleidelijke verbeteringen. Wie weet hoe de techniek zich heeft ontwikkeld, begrijpt beter waarom resultaten van nu er doorgaans natuurlijker uitzien dan die van vroegere decennia, en waarom chirurgen het zo vaak hebben over donorhaar en folliculaire eenheden.

Hieronder volgt een kort overzicht van de belangrijkste stappen, van vroege laboratoriumexperimenten tot de technieken van vandaag.

Vroege experimenten in de 19e eeuw

De eerste beschreven experimenten met het transplanteren van haar dateren uit het begin van de 19e eeuw. Verslagen uit 1822 beschrijven pogingen om behaarde huid bij dieren te verplaatsen. Die onderzoeken waren nog lang geen behandeling tegen kaalheid, maar ze toonden een belangrijk principe aan: behaarde huid kon naar een andere plek worden verplaatst, en het haar kon daar blijven groeien.

Tientallen jaren bleef het idee een curiositeit van de experimentele chirurgie. Men begreep nog niet waarom haar bij erfelijke kaalheid uitvalt, en er was geen betrouwbare manier om te voorspellen of getransplanteerd haar zou aanslaan.

Pioniers in Japan: het eerste chirurgische haarherstel

Een belangrijk hoofdstuk werd in de eerste helft van de 20e eeuw in Japan geschreven. Japanse artsen, onder wie Masao Sasakawa, Hajime Tamura en Shoji Okuda, beschreven hun operaties om haar chirurgisch te vervangen.

Vooral het werk van Okuda geldt als belangrijk. In 1939 publiceerde hij een beschrijving van het transplanteren van kleine ronde grafts van behaarde huid, van ongeveer 1 tot 5 mm, om haar op de hoofdhuid, in de wenkbrauwen en in de snor te herstellen. Hij werkte vooral met patiënten die haar hadden verloren door littekens, brandwonden of aangeboren aandoeningen. Tamura beschreef later het gebruik van nog kleinere grafts, een aanpak die vooruitliep op ontwikkelingen van veel later.

Omdat deze artikelen in het Japans verschenen, rond de tijd van de Tweede Wereldoorlog, bleven ze in Europa en Amerika jarenlang grotendeels onbekend.

Norman Orentreich en het principe van donordominantie

Het keerpunt voor de behandeling van gewone kaalheid kwam in 1959, toen de Amerikaanse dermatoloog Norman Orentreich zijn werk over donordominantie publiceerde. Hij liet zien dat haar van de achterkant en de zijkanten van het hoofd, een zone die meestal ongevoelig is voor androgenetische alopecia, zijn eigenschappen doorgaans behoudt nadat het naar een kalende zone is verplaatst.

Met andere woorden: een getransplanteerd haarzakje gedraagt zich volgens de plek waar het vandaan komt, niet volgens de plek waar het terechtkomt. Dit principe is nog steeds de basis van haartransplantatie. Het verklaart ook waarom de ingreep zo sterk afhangt van de kwaliteit en de omvang van het donorgebied.

Orentreich gebruikte ronde punchgrafts van enkele millimeters, elk met veel haren. Hij wordt vaak de vader van de moderne haartransplantatie genoemd.

Het tijdperk van plugs en de overstap naar kleinere grafts

In de twintig jaar daarna waren punchgrafts, vaak plugs genoemd, de standaardtechniek. Er groeide wel haar uit, maar omdat elke graft een pluk haren bevatte, kon het resultaat er onnatuurlijk uitzien, vooral langs de haarlijn. Het kenmerkende poppenhaar uit die periode is een van de redenen waarom haartransplantaties ooit een slechte naam hadden.

In de jaren tachtig gingen chirurgen steeds vaker werken met kleinere minigrafts en micrografts. Daarmee werden zachtere haarlijnen en een geleidelijkere overgang mogelijk, al werden de grafts nog steeds gesneden zonder rekening te houden met de natuurlijke groepering van de haren.

De folliculaire eenheid

In de jaren tachtig beschreven onderzoekers de folliculaire eenheid: het natuurlijke groepje van een tot vier haren dat samen groeit, met de bijbehorende talgklieren en een klein spiertje. Die waarneming veranderde de manier waarop chirurgen over grafts dachten. Als haar van nature in zulke kleine groepjes groeit, zou het meest natuurlijke resultaat moeten ontstaan door ze intact te transplanteren.

Transplantatie van folliculaire eenheden en de komst van FUE

Halverwege de jaren negentig formuleerden de chirurgen Robert Bernstein en William Rassman het concept van follicular unit transplantation. Ze stelden voor haar te verplaatsen in dezelfde kleine groepjes waarin het van nature groeit, in plaats van in grotere stukken huid. In het begin gebeurde dat door een strook huid uit het donorgebied te nemen en die onder vergroting in folliculaire eenheden te verdelen: de methode die nu FUT heet.

Voortbouwend op hetzelfde idee ontwikkelden chirurgen follicular unit extraction, oftewel FUE. Bij FUE worden afzonderlijke folliculaire eenheden direct uit het donorgebied genomen met heel kleine punches, meestal met een diameter onder een millimeter, zodat er geen lijnvormig litteken ontstaat. De techniek werd begin jaren 2000 in de medische literatuur beschreven en werd geleidelijk een van de meest gebruikte methoden.

Haartransplantatie vandaag

Modern haarherstel combineert deze ideeën met betere vergroting, fijnere instrumenten en zorgvuldiger planning. Met implanteerpennen, die bij de DHI-techniek worden gebruikt, kunnen grafts direct in de huid worden geplaatst, met nauwkeurige controle over hoek en diepte. In sommige klinieken helpen robotsystemen bij het uitnemen. Chirurgen besteden ook meer aandacht aan het ontwerp van de haarlijn, het aanslaan van grafts buiten het lichaam en het beheer van het donorgebied op de lange termijn.

In de huidige praktijk wordt FUE doorgaans toegepast bij androgenetische alopecia, en een gecombineerde aanpak met FUE en DHI kan zowel bij androgenetische alopecia als voor meer dichtheid worden gebruikt. De keuze hangt altijd af van het patroon van het haarverlies, het donorgebied en de doelen van de patiënt, en wordt door de chirurg gemaakt na een onderzoek.

Het loont ook om te onthouden wat de geschiedenis heeft geleerd: een transplantatie verplaatst bestaand haar, maakt geen nieuw haar aan en houdt het onderliggende proces van haarverlies niet tegen. Veel patiënten hebben daarnaast een medisch plan nodig om hun eigen haar te beschermen. Meer over de ingreep leest u op de pagina over haartransplantatie.

Consult bij City Medical Centre

City Medical Centre werkt met internationale patiënten. Het eerste consult is gratis en kan online plaatsvinden: stuur foto's van uw haar en donorgebied en stel al uw vragen over moderne technieken en wat die in uw situatie realistisch kunnen bereiken. De arts beoordeelt uw situatie en noemt de prijs, die daarna in het contract wordt vastgelegd. Een persoonlijke coördinator begeleidt u van het eerste bericht tot het einde van het herstel, en foto's en vragen kunt u via WhatsApp sturen. Meer informatie vindt u op de pagina over haartransplantatie.

Veelgestelde vragen

Wie geldt als de vader van de moderne haartransplantatie?

Die titel gaat meestal naar de Amerikaanse dermatoloog Norman Orentreich. In 1959 beschreef hij donordominantie: het principe dat haar van de achterkant en de zijkanten van het hoofd zijn ongevoeligheid voor androgenetische alopecia behoudt nadat het naar een kalende zone is getransplanteerd.

Wat is donordominantie?

Dat is de waarneming dat een getransplanteerd haarzakje zich gedraagt volgens de zone waar het vandaan komt, en niet volgens de zone waar het wordt geplaatst. Haar uit de ongevoelige donorzone blijft na transplantatie meestal groeien, en daarom is het donorgebied zo belangrijk.

Waarom zagen vroege haartransplantaties er onnatuurlijk uit?

Vroege technieken gebruikten grote ronde punchgrafts of plugs, elk met een pluk haren. Als die in rijen werden geplaatst, vooral langs de haarlijn, ontstond er een plukkerig beeld. De overstap naar kleinere grafts en later naar folliculaire eenheden maakte de resultaten een stuk natuurlijker.

Wanneer ontstond FUE?

FUE kwam voort uit het concept van de folliculaire eenheid dat in de jaren negentig werd ontwikkeld, en werd begin jaren 2000 in de medische literatuur beschreven. In plaats van een strook huid weg te nemen, worden afzonderlijke folliculaire eenheden met heel kleine punches uitgenomen, zonder lijnvormig litteken.

Houdt een moderne haartransplantatie haarverlies tegen?

Nee. Een transplantatie verdeelt bestaand haar uit het donorgebied opnieuw, maar behandelt de oorzaak van het haarverlies niet. Het eigen haar kan verder dunner worden, dus de arts raadt vaak ook een plan aan om het te beschermen, vastgesteld na een onderzoek.

Let op. Dit artikel bevat algemene informatie en is geen medisch advies. Elke operatie heeft contra-indicaties en risico’s, en welke optie past, wordt pas na onderzoek door een arts bepaald.

Een vraag over uw situatie? Gratis consult

Laat uw naam en telefoonnummer achter, dan belt een coördinator u terug. Foto's en vragen kunt u ook via WhatsApp sturen.

Terugbelverzoek

of

Stuur een bericht via WhatsApp

Lees ook